Het concert waar ik nooit ben geweest, maar waar mijn hart wel aanwezig was. En een goede vriend, die hoorde wat daar gebeurde – voor zichzelf, en een beetje namens mij. Mijn podium is YouTube. Mijn gereedschap is een intuïtief oog en oor. Ik wist niet wie ze was, totdat ik luisterde.
Je gaat zitten zonder grote verwachtingen. Jong talent, denk je. Veelbelovend, vast. Misschien indrukwekkend. Misschien netjes. Dat idee houdt precies één minuut stand.
Alexandra Dovgan speelt geen piano zoals we dat gewend zijn. Ze vertelt geen verhaal en ze dringt geen interpretatie op. Ze haalt weg, laag voor laag, tot alleen de muziek zelf overblijft.
Wat meteen opvalt is het ontbreken van gewicht. Geen zwaar aangezette fraseringen, geen romantisch trekken en duwen, geen impliciet “hier moet u even luisteren”. En juist daardoor gebeurt het. Alles valt op zijn plek. De muziek ademt en tijd lijkt even geen rol meer te spelen.
Je betrapt jezelf op een ongemakkelijke gedachte: zo heb ik dit stuk nog nooit gehoord. En direct daarna, nog ongemakkelijker: zo had het misschien altijd al moeten klinken.
De vergelijking met de grote namen dringt zich onvermijdelijk op. De mastodonten van de piano — indrukwekkend, monumentaal, soms bijna museaal. Een platenkast vol. Dovgan zet daar niets tegenover. Ze loopt er eenvoudig langs, niet uit bravoure, maar uit vanzelfsprekendheid.
Details verschijnen die nooit eerder opvielen, niet omdat ze worden uitvergroot, maar omdat ze logisch worden. Alsof de componist even naast haar zit en fluistert: ja, dit bedoelde ik. En als componisten zich al omdraaien in hun graf, dan niet van verontwaardiging, maar om beter te kunnen luisteren. Misschien wel omdat hun muziek mooier werd dan dat ze zelf bedacht of gedacht hadden.
Dit is geen spel om te imponeren. Dit is spel dat verrijkt. Niet iedereen zal dit horen. Sommigen zullen denken: knap, jong, klaar. Zoals tegenwoordig alles en iedereen al snel tot “de groten” wordt gerekend — van pianisten tot Jamai (grapje, uiteraard).
Maar wie wél luistert, hoort iets zeldzaams: muziek zonder bijsluiter, zonder agenda, zonder ego. Geen Wang, geen Lang Lang, geen performance, geen uiterlijk, geen al dan niet geveinsde emotie. En dan word ik stil.
Ineens begrijp ik weer waarom muziek zo belangrijk voor me is geworden. Omdat muziek me brengt naar de uithoeken van mijn ziel waar ik altijd al naartoe wilde. Ik wist alleen niet hoe.
Alexandra speelt al sinds ze een jonge gup was. Ze zat ooit bij Paul Witteman aan tafel: een fenomeen, zo jong. Maar haar wonder was toen nog niet echt ontdekt. Dat kwam later, toen duidelijk werd dat zij Bach kan spelen zoals Bach het — ik durf het te zeggen — in de hemel bedoeld heeft.
Ja, in de hemel. Want haar uitvoeringen zijn goddelijk. Bijzonder en noodzakelijk. Zeker nu de wereld opnieuw lijkt te verdwalen en integriteit steeds moeilijker te lokaliseren valt. Alexandra Dovgan gaat ons voor, zo jong als ze is.