Vlak voor zijn dood sprak ik met Lodewijk over zijn fotocollectie. Het was een verzameling van zijn wandelingen in Dronten, vastgelegd op zijn mobiele telefoon. Hij wist niet hoe hij de foto's daaraf moest krijgen, en ik vond dat ze bewaard moesten worden. Samen keken we naar de foto’s en Lodewijk koos zelf welke hij wilde bewaren. De manier waarop hij zijn omgeving vastlegde, had iets bijzonders: het voelde als een stille ode aan de plaats en haar bewoners. Zijn werk had vaak een sfeer van tijdloosheid, waarin geschiedenis en heden met elkaar versmolten.
Lodewijk was geen publieke figuur, geen bekende naam die opviel in de schijnwerpers, maar zijn werk had toch een diepgaande impact. Zijn fotografie was nooit bedoeld om beroemd te maken, maar om zijn wereld vast te leggen zoals hij die zag. Hij was een rustige, observante man die door zijn lens de schoonheid van zijn omgeving en de verhalen van de mensen om hem heen vastlegde. Hij had een vermogen om de meest gewone momenten op een bijzondere manier vast te leggen, momenten die anders misschien over het hoofd zouden worden gezien. Het was een stille communicatie, een persoonlijke dialoog met de wereld die hij dagelijks beleefde.
Voor de mensen die Lodewijk gekend hebben, kan het nu een mooi aandenken zijn aan de manier waarop hij zijn wereld zag en vastlegde. Ik denk dat ik met mijn ballads een mooie synergie heb gevonden, tussen een fijn mens, mooie foto’s en mijn muziek. Het voelt als een eer dat ik even mee mocht kijken door zijn ogen, en het werk dat hij achterliet is nu iets waar ik zelf ook een stukje van mag zijn.