Mijn lieve buurvrouw en het verhaal.
Burgemeester Halsema heeft de regering opgeroepen excuses te maken aan de Molukse KNIL-militairen en hun families. Dat mag. Dat kan zelfs terecht zijn. De Nederlandse overheid heeft deze mensen na 1951 onrecht aangedaan. Dat is geschiedenis. Dat zijn feiten.
Maar feiten hebben ook hun eigen volgorde. En juist in die volgorde schuilt de moeilijkheid.
Want wie een eerste onrecht benoemt, kan niet doen alsof wat later gebeurde daarmee in een ander licht komt te staan. De feiten blijven feiten in hun eigen volgordelijkheid. Eerst was er het falen van de overheid. Daarna kwamen er, op andere momenten, nieuwe keuzes. En met die keuzes ook nieuwe verantwoordelijkheden.
Daar zit voor mij de kern.
Je kunt geschiedenis niet alleen lezen als een keten van oorzaken. Je moet haar ook lezen als een keten van momenten waarop mensen hadden kunnen kiezen. Dat is misschien nog wel belangrijker. Niet achteraf met grote kennis, niet met het gemak van later, maar met de kennis van het moment. Dáár vallen morele beslissingen. Dáár laat een mens, een groep, een overheid of een bestuurder zien wie hij is.
Dat is ook waarom Frankl hier, al is het maar op de achtergrond, toch relevant blijft. Niet als theorie om mee te zwaaien, maar als eenvoudige herinnering: tussen wat een mens overkomt en wat hij vervolgens doet, ligt een ruimte. In die ruimte wordt gekozen. En in die keuze ligt de morele maat.
Dus ja, de Nederlandse staat heeft keuzes gemaakt die Molukse gezinnen beschadigd hebben. Dat moet benoemd worden. Maar later zijn er ook andere keuzes gemaakt. Door mensen die besloten te gijzelen. Door mensen die besloten te schieten. Door mensen die meenden dat hun zaak zo rechtvaardig was dat het leven van een onschuldige ander daarin ondergeschikt werd. Ook dat moet benoemd worden.
Vanuit welk standpunt kijk je dan?
Kijk je als burgemeester naar een groep in de samenleving die lang miskend is? Dat mag.
Kijk je naar een geschiedenis van uitsluiting en miskenning? Ook dat mag.
Maar kijk je ook naar één mens die harteloos is neergeschoten? Naar een vrouw die achterbleef? Naar een kind? Naar een leven dat niet terugkomt? Want ook dát is onderdeel van dezelfde geschiedenis.
Daarom wringt het wanneer een bestuurder wel het ene deel van het verhaal naar voren haalt, maar het andere niet met gelijke helderheid benoemt. Dan ontstaat geen duiding, maar selectie. Dan wordt één soort leed zichtbaar gemaakt, terwijl ander leed opnieuw naar de rand verdwijnt.
Onze buurvrouw leeft gewoon haar leven. Het gaat goed met haar. Maar wanneer dit soort nieuws weer naar boven komt, wordt ze opnieuw geraakt. Niet omdat zij het verleden niet begrijpt. Niet omdat zij geen geschiedenis zou willen zien. Maar omdat er voor de dood van haar man nooit een recht is gekomen dat die dood ook maar in de verte zou kunnen rechtvaardigen. En dat kan ook niet. Die rechtvaardiging bestaat niet.
Precies daarom moet je voorzichtig zijn met publieke taal. Excuses vragen voor historisch onrecht is iets anders dan een moreel verhaal maken waarin de latere misdaden bijna vanzelf oplossen in begrip. Dat mag niet gebeuren. Begrip is geen vrijstelling. Geschiedenis is geen aflaat. En een burgemeester hoort dat onderscheid scherp te bewaken.
De juiste benadering is daarom niet: kiezen wij voor de Molukkers of voor de slachtoffers? Dat is te goedkoop. De juiste benadering is: durven wij de hele keten te zien? Durven wij te erkennen dat de staat fout zat? Durven wij net zo helder te erkennen dat later anderen fout zaten? Durven wij onder ogen te zien dat onrecht soms nieuw onrecht voortbrengt, maar dat niemand daarmee van zijn eigen keuzes wordt ontslagen?
Dat is de enige volwassen manier om dit te duiden.
Niet door de feiten te versimpelen.
Niet door groepen moreel wit te wassen.
Niet door slachtoffers tegen elkaar weg te strepen.
Maar door de volgorde te respecteren, de keuzes te benoemen en de morele maat niet kwijt te raken.
Want daar gaat het uiteindelijk om: niet alleen wat mensen is aangedaan, maar ook wat mensen vervolgens, met de kennis van hun moment, hebben gedaan.