Het komt niet vaak meer voor dat ik naar een theatervoorstelling of concert ga met levende mensen. Met dit grapje bedoel ik natuurlijk een voorstelling met live-muziek en live-musici. De reden is simpel. Door tinnitus is het geluidsniveau dat de techneuten achter de mengtafel vaak tevoorschijn toveren voor mij regelmatig ondraaglijk. De voorlaatste keer stond ik na twintig minuten alweer buiten. Maar goed. Deze keer ging alles goed. Al vele jaren ken ik de passie van Hilke Ingelse voor de West Side Story. De plaat, de video, maar vooral haar lichaamstaal zodra de eerste noten van Leonard Bernstein klinken, zijn zo aanstekelijk dat ik haar de voorstelling in De Spiegel in Zwolle niet kon – of wilde – onthouden. Alles zat mee.
Op onze vaste plek had ik prachtig zicht op het orkest, vijftien musici sterk als ik goed geteld heb. Alleen dat al was een grote vreugde: echte noten, gespeeld door een geïnspireerd orkest. De cast, het decor, de belichting, de timing… alles klopte. En dan is er natuurlijk de muziek zelf. Die heb ik ontelbare keren gehoord, maar met de spanning van een live-uitvoering, een vrouw die geen moment stil kon zitten bij al die geniale ritmes en akkoorden, de prachtige kostuums en het jeugdige elan, werd het een feest.
Ik zou nu een technisch verhaaltje kunnen houden met wat muzikaal geneuzel. Maar vandaag niet. Vandaag was het gewoon vet genieten van een geweldige productie van Nederlandse bodem. Volgens mij hebben ze het seizoen verlengd. Wat mij betreft zetten ze deze productie naast Soldaat van Oranje – De Musical op de draaischijf en laten ze haar nog een jaar of tien doorgaan.